Boeklezing: Dorestad, Krommenie

Een handelshub uit de vroege middeleeuwen

In Wijk bij Duurstede werd vorig jaar, na een eindeloze verbouwing, Museum Dorestad heropend. Dat was een gebeurtenis van meer dan regionaal belang, want het vroegmiddeleeuwse Dorestad was een handelscentrum van meer dan regionaal belang. Hier streden Friezen en Franken om de macht. Hier arriveerden kooplieden uit het hoge noorden met via tussenhandelaren verworven producten uit het Kalifaat van Bagdad; hier verwierf het rijk van Karel de Grote het zilver waarmee voor het eerst sinds de desintegratie van het Romeinse gezag weer op grote schaal munten in omloop konden worden gebracht. Dorestad was ook de basis waarvandaan missionarissen als Willibrord en Bonifatius het christendom predikten. Het einde van Dorestad hing samen met de komst van de Noormannen, maar de functie als pan-Europees handelscentrum bleef bewaard in Tiel, Dordrecht, Rotterdam en de Europoort.

Er waren meer handelssteden als Dorestad, maar anders dan in bijvoorbeeld Quentovic in Noord-Frankrijk zijn hier de woningen en pakhuizen geïdentificeerd. Dorestad is nog altijd de grootste archeologische opgraving die ooit in Nederland heeft plaatsgevonden. De archeologie van deze bijzondere plek is één reden om blij te zijn met de heropening van het museum. Een andere reden is dat dit ons eigen, Nederlandse verleden is, dat de laatste tijd onderbelicht is geraakt. Je hoeft geen ultra-nationalist te zijn om te denken dat de heropening van Museum Dorestad een broodnodige correctie is op de terechte, maar wat overdreven aandacht voor de internationale geschiedenis.

Aan de hand van de boeken van Luit van der Tuuk, de conservator van Museum Dorestad, vertelt historicus en Livius-docent Jona Lendering bij Boekhandel Stumpel in Krommenie over het veelbewogen verleden, over het museum, en over de kerstening van de Lage Landen.

Deze boeklezing is tevens de start van het nieuwe culturele seizoen van Livius.

De toegang is gratis.